Christianne Stotijn

De Nederlandse mezzosopraan Christianne Stotijn studeerde viool en zang aan het Conservatorium van Amsterdam bij Udo Reinemann, Jard van Nes en Dame Janet Baker. Ze behaalde diverse prijzen, waaronder de prestigieuze ECHO Rising Stars Award 2005-2006 en de Nederlandse Muziekprijs in 2008. Het jaar daarvoor werd ze ook verkozen tot BBC New Generation Artist. Haar carrière werd diep beïnvloed door dirigent Bernard Haitink. Onder zijn leiding zong ze met het Koninklijk Concertgebouworkest en met de symfonische orkesten van Boston, Chicago en Londen. Verder werkte ze samen met internationaal vermaarde dirigenten als Claudio Abbado, Gustavo Dudamel, Yannick Nézet-Séguin, Vladimir Jurowksi , Ivan Fisher, Esa-Pekka Salonen, Andris Nelsons in repertoire als: La Mort de Cléopatre en Les Nuits d’été van Berlioz, Seapictures van Elgar, Phaedra van Britten, Moessorgski's Liederen en dansen van de dood, Mahlerss Rückert Lieder en Kindertotenlieder, de Neruda-Songs van Peter Lieberson, Fünf neapolitanische lieder van Hans Werner Henze en Wagners Wesendonck Lieder en Sieben frühen Lieder van Alban Berg. Componisten als Michel van der Aa, Ned Rorem en Thomas Adès vertrouwden haar de creatie toe van hun werk.

In de opera vertolkte Christianne Stotijn Pauline (Pikovaya Dama, Tsjajkovski) in de Opéra de Paris, Isabella (L’Italiana in Algeri, Rossini) op het Festival d’Aix-en-Provence, Ottavia (L’incoronazione di Poppea, Monteverdi) in Amsterdam, Oviedo en Bilbao, Cornelia (Giulio Cesare in Egitto, Handel) in de Munt, voor haar roldebuut, en vervolgens in Amsterdam. Andere sleutelvertolkingen waren de rol van Brangäne (Tristan und Isolde, Wagner, concertant) Tamerlano in het Royal Opera House Covent Garden, Marfa (Chovansjtsjina, Moesorgski) te Stuttgart en Marguerite (La Damnation de Faust, Berlioz) in Taiwan. Recent maakte ze in de Opéra national du Rhin haar roldebuut als Kundry (Parsifal, Wagner). In de Munt maakte ze, naast Cornelia, ook haar roldebuut als Néris (Médée, Cherubini), vertolkte ze de rol van de Engel (Demon, Rubinstein), verzorgde ze diverse recitals en verleende ze haar medewerking aan de dansproductie Impromptus van Sasha Waltz.

Christianne Stotijn heeft een passie voor lied en met de pianisten Joseph Breinl en Julius Drake stond ze op de belangrijkste concertpodia. Daarnaast is ze ook te horen in kamermuziekverband met onder meer altviolist Antoine Tamestit, haar broer contrabassist Rick Stotijn, het Ensemble Oxalys, pianiste Imogen Cooper en het Nash Ensemble. Daarnaast verzorgt ze ook eigen educatieve projecten, zoals Die Weise von Liebe und Tod over de schrijfster Etty Hillesum en de kindervoorstelling De Uilenpriesteres van Orplid. Haar discografie werd meermaals bekroond en bevat opnames van liederen van Tsjajkovski (BBC Music Magazine Award), Die Weise von Liebe und Tod des Cornets Christoph Rilke van Frank Martin (ECHO Liedeinspielung des Jahres 2008) en If the Owl Calls Again (Gramophone Editor’s Choice, 2015). Haar recentste opname, onder meer van Totentanz (Thomas Adès), met het Boston Symphony Orchestra werd eveneens bekroond met een Gramophone Award. Sinds 2014 leidt Christianne Stotijn de Udo Reinemann International Masterclasses, een initiatief gesteund door de Munt, en sinds 2021 is ze zangdocente aan de Hochschule für Musik te Würzburg.